Samenvatting teelthandleiding olievlas op zand- en dalgrond

In opdracht van Stichting Vlasmanifestatie zijn een aantal studenten van CAH Vilentum te Dronten bezig met het samenstellen van een teelthandleiding voor olievlas. Deze teelthandleiding wordt speciaal geschreven voor het telen van vlas op zand- en dalgronden, welke het meest voorkomend zijn in en rond Twente.

Op het moment dat de teelthandleiding beschikbaar is, communiceren we dit middels deze website. Hieronder leest u een korte samenvatting van de handtleiding, geschreven door Herjan Ritsema en Erwin Bakker, studenten aan CAH Vilentum. Ze geven aan dat de huidige bevindingen in de loop der jaren door aanvullende onderzoeksresultaten mogelijk kan worden bijgesteld/aangescherpt.


Olievlas over 10 jaar onderdeel van het vruchtwisselingschema van een agrariër?

In opdracht van Stichting Vlasmanifestatie zijn wij bezig met het samenstellen van een teelthandleiding voor olievlas. Deze teelthandleiding is speciaal geschreven voor zand- en dalgronden, welke het meest voorkomend zijn in en rond Twente. Hieronder volgt een korte samenvatting van de bevindingen tot nu toe. Deze bevindingen zullen waarschijnlijk in de loop der jaren d.m.v. onderzoek nog een aantal aanvullingen/wijzigingen ondergaan.

De teelt van olievlas

Het areaal olievlas is niet groot hier in Nederland. Bij de meeste agrariërs is er niet veel kennis van dit gewas. In opdracht van de Stichting Vlasmanifestatie is er een nieuwe teelthandleiding voor olievlas op zand- en dalgronden ontwikkelt. Hierin wordt beschreven wat een agrariër moet weten als hij olievlas wil gaan telen.

Keuze van het perceel

Het begint met het kiezen van het juiste perceel. Hierbij speelt ontwatering en een homogene structuur in de bodem een grote rol. Ook een storende laag in het perceel is niet gewenst aangezien de plant zich hierdoor niet diep kan wortelen. De structuur wordt met name bepaald door de voorvrucht die aanwezig was op het perceel. Gewassen als suikerbieten en eventueel mais, die een slechte structuur nalaten na het oogsten, zijn niet geschikt als voorvrucht voor vlas. Ook gewassen die zorgen voor veel stikstofmineralisatie, zoals bijvoorbeeld kruisbloemigen, zijn niet geschikt als voorvrucht voor vlas. Het risico op legering (het plat vallen van het gewas) is dan te groot.

Zaaien

Ook is een goed egaal zaaibed van belang bij het zaaien van olievlas. Dit wordt voornamelijk verkregen door het ploegen en vervolgens het cambridgen van het perceel. Een goed zaaibed is de bouwsteen voor een optimaal gewas. Op de rassenlijst van vd Bilt Zaden en Vlas staan twee rassen, namelijk Bilton en Biltstar, met ieder zijn eigen voor- en nadelen. Uit onderzoek van de WUR is gebleken dat 400 zaden per m2 zorgt voor een optimale opbrengst. Hierbij wordt een rijenafstand van 25 cm gehanteerd.

bemesting

Olievlas heeft over het algemeen weinig bemesting nodig. De hoogte van de bemestingsgift hangt van de bodemvoorraad af. Bevat de grond een hoge bodemvoorraad dan is bemesting nagenoeg niet nodig. Door middel van grondmonstering kan de nutriëntentoestand van de bodem worden bepaald. Wanneer stikstof gegeven dient te worden, is stikstofdeling niet aan te bevelen. Stikstofdeling zorgt voor een verlate afrijping van het gewas.

Bestreiding ziekten en plagen

Op het gebied van ziekten en plagen spelen vooral aardvlooien en vroege akkertrips een rol. Deze insecten kunnen vooral voorkomen/bestreden worden door een voldoende ruime rotatie aan te houden (liefst 1 op 6), een chemische bestrijding toe te passen en een zaaizaadbehandeling ter bescherming tegen aardvlooien uit te voeren.

Bestreiding onkruid

Mechanische onkruidbestrijding is bij olievlas beter mogelijk dan bij vezelvlas. Dat komt door de ruime rijenafstand van 25 cm. Dit maakt het mogelijk tussen de rijen te schoffelen. Dit kan bijvoorbeeld met een schoffeltuig met schoffelmessen of met een triltandschoffel. Ook is het mogelijk om met een wiedeg die aangepast is op de rijenafstand het onkruid te bestrijden.
Daarnaast zijn onkruiden goed in de hand te houden met verschillende soorten herbiciden.

Oogsten

Tenslotte zal er geoogst moeten worden. Dit is met een reguliere maaidorser, met een aantal aanpassingen qua afstellingen, goed mogelijk. Daarnaast is het ook mogelijk om eerst het gewas op zwad te maaien en vervolgens na een week te dorsen. Een probleem hierbij is vaak het weer. Wanneer het zwad gemaaid is en er komt regen in het zwad droogt het zeer moeilijk. Wanneer de zaden nog op stam staan is het vaak ook makkelijker te dorsen. Om deze reden wordt zwadmaaien niet aanbevolen.

Tot slot

Voor een agrariër is het telen van dit gewas goed mogelijk, eventueel met enige hulp van een loonwerker. Door duidelijkheid te creëren over het telen van het gewas hopen we dat olievlas een plek gaat innemen binnen het bouwplan van de agrariër, en dat het landschap van Twente over een paar jaar in de zomer grotendeels weer blauw zal kleuren.

Herjan Ritsema & Erwin Bakker
Studenten CAH Vilentum te Dronten